Hee, dat is een merkwaardig tafereel. Achter Wolphaartsdijk banjert een hipster door de luzerne. De (b)aardige man is imker, Arjan van Damme uit Ovezande, die 28 bijenkasten heeft staan in de Wilhelminapolder.

Van Damme werkt sinds dit jaar nauw samen met de Wilhelminapolder, dat zich met 1400 hectare productiegrond het grootste landbouwbedrijf van Nederland mag noemen. Op zijn beurt houdt het bedrijf innig contact met zijn luzerne-afnemer, groenvoederdrogerij Timmerman in Kortgene. Daarmee is de cirkel rond.

De drie staken de koppen bij elkaar, want er moest toch meer te doen zijn met de luzerne. ‘Het idee ontstond om onder eigen vlag, dat wil zeggen met ons drieen, luzernehoning uit te brengen. Niet in enorme volumes, het is geen commercieel project. De honing gaat vanzelfsprekend in zeskantige potjes met op het etiket de logo’s van de drie partners. Ik denk dat we onze honing voorlopig als relatiegeschenk gebruiken’, zegt directeur Vincent Coolbergen van De Wilhelminapolder.

Luzerne is een vlinderbloemige plant die al tweeduizend jaar als veevoeder wordt gebruikt. De plant is rijk aan eiwitten, vitaminen, mineralen en sporen. Groenvoederdrogerij Timmerman verwerkt de luzerne tot verschillende producten voor paarden, koeien, varkens, schapen, geiten en kippen. De Wilhelminapolder heeft 200 hectare luzerne aangeplant, omdat de teelt zonder enige vorm van gewasbestrijding kan. Duurzaam dus. Zo voldoet de Wilhelminapolder aan de groene doelstellingen van het Europese Landbouwbeleid. Luzerne wordt bezocht door bijen en vlinder en draagt bij aan de biodiversiteit.

Coolbergen: ‘Met dit honingproject verzilveren we onze groene inspanningen. Alleen vergeten we vaak ons groene imago uit te dragen. Met onze luzernehoning willen we dat verhaal vertellen. We staan trouwen open voor de komst van meer bijenhouders. Bijen zijn belangrijk voor de bestuiving van gewassen. We hebben ze keihard nodig.’ Om te voorkomen dat van Dammes 28 bijenvolken (40.000 bijen per volk) moeten worden bijgevoerd, laat de Wilhelminapolder na het maaien een strook luzerne langs de akkerrand staan. Daar profiteren andere insecten zoals vlinders, hommels en solitaire bijen ook weer van.

De imker houdt al 17 jaar bijen. Het zit in de familie, want opa deed het ook al. Door natuurlijke selectie – de koningin vervangen – heeft van Damme ziekteresistente volken opgebouwd. Deze zomerse maandag neemt hij poolshoogte. Onbeschermd – ‘want ze kennen me’ – doch gewapend met een beroker, opent hij een kast. En wat een rook, want hij benut ‘droge luzerne die fantastisch fikt’. Leuk vinden zijn bijen het niet, maar van Damme loopt geen steek op. De raat die hij uit de kast trekt zit boordevol honing. Hij snijdt er een druipend stukje uit. ‘Proef maar!’ Het smaakt exotisch fruitig.

Van Damme denkt dit seizoen 50 tot 60 potjes te vullen, want ‘ik ga mijn bijen vroeg inwinteren, dus de kasten gaan binnenkort weg’. Dat is nog weinig, maar aan het volume is zeker een flinke slinger te geven, zegt hij. ‘Met 200 hectare luzerne moet je afhankelijke van de buitentemperatuur zo’n veertig kilo honing per kast kunnen halen. Enfin, over ruim een week ga ik slingeren, dan drupt de eerste luzernehoning uit de Wilhelminapolder in onze potjes.’

Crp4FPdWAAAnTQs Crp4FPdWcAEwhNH